Pascale Gatzen ontwerpt op de grens van mode en kunst. Volgens Joke Robaard hecht zij veel waarde aan de manier waarop het produkt gepubliceerd wordt. Ze wil de aandacht vestigen op de tweedimensionale verwerking van het produkt omdat die wezenlijk is voor de uiteindelijke betekenis die het produkt krijgt. In een ander project werkt Gatzen niet op basis van de ontwerpen zelf, maar op basis van de presentatie van die ontwerpen in modefoto’s. Het is haar opgevallen dat collecties meestal door slechts een beeld in de modebladen wordt gepresenteerd. Gatzen vestigt de aandacht op het effect van de fotografische afbeelding waarin plooien een nadrukkelijke rol spelen, door het afgebeelde kledingstuk letterlijk na te maken. Zo heeft ze een foto van een Ralph Lauren model in pak minutieus nagemaakt, inclusief de plooien die enkel op de foto zichtbaar zijn. Reprodukties noemt zij ze: kledingstukken die reageren op afbeeldingen, die vervolgens zelf weer afgebeeld worden. Gatzen speelt in op het talige karakter van de mode door haar functioneren ter discussie te stellen. Ze vestigt de aandacht op de presentatie, de styling, de fotografie van de mode die voor haar betekenis belangrijker zijn dan het feitelijke, draagbare functionele kledingstuk zelf. Een vergelijking kan gemaakt worden met de foto’s, die gemaakt worden van gebouwen voor architectuurtijdschriften. Koolhaas laat dit zien door zijn meesterwerk Villa d’al Ava te presenteren via geënsceneerde modefoto’s.



Marlies Dekkers is modeontwerpster, ze ontwerpt erotische lingerie. In haar collectie "Undressed" en haar voor Hunckemöller ontworpen collectie "Seduced", kiest zij voor een ongewoon zakelijke aanpak. Als decoratie kiest ze niet voor de frivoliteit van bloemetjes en kant, maar voor een lijnenspel van elastieke bandjes en vlakverdeling van transparant en ondoorzichtig materiaal. De kleding is altijd monochroom zwart, bordeaux of wit. Door de recht-voor-zijn-raap vormgeving werd Dekkers prikkelend ondergoed baanbrekend. Ze paste onder andere ritsjes of ronde openingen ter hoogte van het kruis toe, ontwierp kwart-bh’s (die wel ondersteunen niet bedekken) en slips, die dankzij de elastische banden om het bovenbeen de billen bloot laten. Dekkers ondergoed verwijst direct naar seksuele mogelijkheden, maar dan zonder de afleiding van een verhullende ruche. Om vrouwen met dit nog betrekkelijk nieuw produkt te bereiken, bleek specifieke beeldtaal nodig, omdat voor vrouwen en seks nog nauwelijks goede beelden bestaan of het was porno of pin-up. In de literatuur en filosofie was het onderwerp al langer een thema, maar in combinatie met een produkt lag het allemaal nog heel gevoelig. De kleding van Dekkers daagt mensen uit iets nieuws te durven dragen. De lingerie kan ertoe bijdragen dat mensen meer seksueel gaan experimenteren. In de maatschappij vervaagt de taakverdeling tussen de man en de vrouw steeds meer. Voor het erotische leven betekent dit dat vrouwen net zo goed initiatief kunnen nemen als mannen. De lingerie kan helpen oude rolpatronen te doorbreken. In zwarte body met strategische openingen wordt de vrouw veroveraar. In de blotenbillenslip is de man voor de verandering lustobject. "Undressed by Marlies Dekkers" was te zien in de Kunsthal, Rotterdam. Ook hier is de verschuiving zichtbaar van mode naar kunst.



Guillaume Bijl (kunstnaar) toont in zijn overzichtstentoonstelling, "Spiegeltjes aan de wand" ontworpen installaties over zijn fixatie voor het bouwen aan "een visuele, kritische archeologie van onze tijd". Tegelijkertijd is zijn werk een 'humoristische inventarisatie van onze westerse beschaving." Hij is conservator van onze cultuur. Als beeldend kunstenaar lijkt hij zich telkens te beperken tot het etaleren van serieprodukten en het reconstrueren van situaties waarin life-style van de mens uit de late twintigste eeuw het fraaist wordt getypeerd. Bijl organiseert zijn oeuvre zelf volgens vier categorieën: De transformatie-installaties tonen realiteit en onrealiteit tegelijk, een volledig interieur of een opstelling van bestaande objecten, getransponeerd naar de vervreemdende context van een galerie of museum. Deze installaties functioneren tezamen als een catalogus voor conventies en codesystemen, en ogen zo realistisch dat de argeloze bezoeker er spontaan in kan trappen. Een toepassing is bijvoorbeeld de autorijschool Z (1997). Verder zijn er nog de Situatie-installaties, de Sorry-installaties en de Composities. Composities zijn voorstudies of 3-dim schetsen voor de grote transformatie-installaties. Deze nemen de vorm aan van een nadrukkelijk geïsoleerd stilleven met bijvoorbeeld enkel een bedsprei, een hoekje met Chinese waren of en vitrine kast met uurwerken. De situatie installaties werken volgens het omgekeerde principe. Daar blijft context bewaard, maar zet een kleine ingreep alle vanzelfsprekendheid weer op losse schroeven. Zo bracht Bijl een stuk ‘Romeinse straat’ aan de oppervlakte in het museumpark in Antwerpen. In zijn Sorry-installatie permitteert hij het zich met minutieuze imitaties af en toe wat meer poëtisch absurde combinaties aan te gaan, met daarin meestal een paar bewegende elementen.
Met zijn publicitaire stijl verklaart Bijl zich een erfgenaam van Margeritte. In de Sorry’s slaat brave burgerlijkheid plots om in onbeschroomde anarchie. (In Bijl’s oeuvre is geen ruimte voor erotiek of esoterische dubbelzinnigheid.) Hoewel tal van installaties handelen over de vrijetijdsmaatschappij met alle bijbehorende spontaniteit en pseudo-intimiteit, valt er nooit een greintje plezier te beleven. Bij hem is alles verontrustend clean. Bij Bijl kunnen de reeks spiegels in vergulde kaders op zich reeds volstaan. In deze alledaagse "Composition trouvee" komt zijn strategie het meest radicaal tot uiting: de esthetiek van de simulatie als ultieme valstrik voor de kijker. Tenminste voor even projecteert de bezoeker zich onwillekeurig in de vertrouwde objecten en biedt hij daardoor zijn zelfbeeld aan als blikvanger voor een schijnvertoning. Daarna voelt hij zich onvermijdelijk weer op zichzelf teruggeworpen, maar nu hopelijk ook bewust gemaakt van zijn kijkgewoontes en zijn automatische gehoorzaamheid aan codes en conventies. Het Bijl-effect openbaart zich meestal pas ten volle na het verlaten van de tentoonstelling, bij het passeren van de echte etalages. Onschuldig flaneren met de ogen van de consument is er dan niet meer bij.

  • index


  • © 1998 Nicole Maurer - Accessorize E-zine.